Vlaggensysteem

Naam interventie Vlaggensysteem
Erkenningsstatus Goed onderbouwd
Datum erkenning 15-12-2015
De interventie in het kort
Doelgroep

De uiteindelijke doelgroep van het Vlaggensysteem bestaat uit kinderen en jongeren van nul tot achttien jaar. Daarnaast is er een intermediaire doelgroep van professionele opvoeders.

Doel

Het Vlaggensysteem stimuleert gezond seksueel gedrag en draagt bij aan het voorkómen en terugdringen van seksueel grensoverschrijdend gedrag onder kinderen en jongeren.

Aanpak in het kort

De kern van het Vlaggensysteem is: (1) het adequaat beoordelen van seksueel gedrag, (2) het bespreekbaar maken van dat gedrag met professionele opvoeders en met de kinderen en jongeren zelf.

Voor het beoordelen van het gedrag wordt gebruik gemaakt van 6 criteria en een normatieve lijst. De zes criteria zijn: wederzijdse toestemming, vrijwilligheid, gelijkwaardigheid, leeftijds- en ontwikkelingsadequaat, contextadequaat/passend bij de situatie en zelfrespect. De normatieve lijst is een tabel met voorbeelden van gedragingen per leeftijdscategorie Met  de 6 criteria wordt bepaald of het gedrag aanvaardbaar is (groene vlag), licht seksueel grensoverschrijdend (gele vlag), ernstig seksueel grensoverschrijdend (rode vlag) of zwaar seksueel grensoverschrijdend (zwarte vlag).

Voor organisaties is er een implementatieplan.

Voor het bespreekbaar maken van seksueel gedrag tussen professionele opvoeders zijn 7 werkvormen ontwikkeld. En 6 werkvormen voor jongeren.

 

Uitvoering
Type organisatie

De interventie wordt momenteel in België (Vlaanderen) en in Nederland gebruikt. Vooral instellingen op het gebied van jeugdzorg/jeugdhulpverlening en jeugdgezondheidszorg maken gebruik van het Vlaggensysteem (onder andere Woodbrookers, Jeugdhulp Friesland, De Rading, Spirit, Youké, Meander/Prokino, De Hondsberg, Zonnehuizen Kind en Jeugd, Pluryn Hoenderloo Groep en Accare). Daarnaast gebruiken scholen en diverse andere organisaties, zoals Veilig Thuis en asielzoekerscentra, het Vlaggensysteem.

De interventie wordt toegepast door professionele opvoeders. Denk aan professionele opvoeders in residentiële instellingen voor kinderen en jongeren, pedagogen, hulpverleners en leerkrachten. Het Vlaggensysteem biedt ook handvatten voor ouders of verzorgers.

Randvoorwaarden

Zoals is te zien in schema 1 (hoofdstuk 2.3) is de randvoorwaarde om het Vlaggensysteem duurzaam te implementeren in een organisatie/instelling dat er kwaliteitsbeleid is en dat daarnaar wordt gehandeld. Specifiek moet er binnen het kwaliteitsbeleid aandacht zijn voor ‘sociale veiligheid’, waaronder het subthema ‘seksualiteit’. Dit moet zijn uitgewerkt in (1) het algemeen beleid, (2) preventief beleid en (3) het reactiebeleid. Binnen dit kwaliteitsbeleid kan het Vlaggensysteem een plek krijgen.

Verder dienen professionele opvoeders op organisatieniveau de ruimte te hebben om regelmatig supervisie te krijgen en om hun kennis jaarlijks up-to-date te houden. Dit brengt personele kosten met zich mee (zie Kosten).

Voor de teamoverleg, intervisie van professionele opvoeders en de individuele en groepsgesprekken met kinderen en jongeren zijn ruimten nodig met voldoende privacy. 

Materialen

Materialen voor de uitvoerders

  • Het handboek: Vlaggensysteem. Reageren op seksueel (grensoverschrijdend) gedrag van kinderen en jongeren (Frans & Franck, 2014)
  • Een set van 44 tekeningen
  • Een normatieve lijst
  • Hand-outs met benodigde materialen voor de werkvormen met kinderen en jongeren
  • De brochure Kwaliteitsborging Vlaggensysteem (Movisie, 2014).

Materiaal voor ouders

  • De brochure Over de grens. Seksueel opvoeden met het Vlaggensysteem (Franck, Frans, Van Decraen, Repetur & Boet, 2011).
Document(en)
Kwaliteit en effectiviteit
Erkenningsstatus Goed onderbouwd
Datum erkenning 15-12-2015
Oordeel commissie

Het vlaggensysteem is een mooie methode om seksualiteit bespreekbaar te maken en een goed onderbouwde interventie/training voor het vergroten van competenties van professionele opvoeders. De aanpak sluit duidelijk aan bij de behoeften van professionals, de uitvoering is goed en wordt goed gevolgd en desgewenst aangepast. Bij verbreding van de interventie naar andere subdoelgroepen (bijvoorbeeld jeugdzorg/jeugdhulp instellingen, wijkteams, buurthuizen, onderwijs) is aanvullende onderbouwing wenselijk. De commissie adviseert om effectonderzoek te verrichten. Daarvoor is het relevant meer zicht te krijgen op het bereik van de jongeren.

Interventie is beoordeeld door Commissie 6: Maatschappelijke ondersteuning, participatie en veiligheid (Movisie)
Onderzoek

Er zijn drie onderzoeken naar de praktijkervaringen gedaan: onder jongeren in de residentiële jeugdzorg (Storms, 2015), onder professionals (Van Hevele, Dewaele & Buijsse, 2013) en onder jongeren en professionals in de residentiële jeugdzorg (Storms & Janssens, 2015). Het stuurwiel, de vlaggen, de tekeningen en de werkvormen zijn overwegend duidelijk voor jongeren, al is een criterium als ‘context’ voor een deel van de jongeren lastig te begrijpen. De werkvormen voor jongeren kunnen meer op hen worden afgestemd (korter, dynamischer) (Storms, 2015; Storms & Janssens, 2015). Onder professionals wordt het Vlaggensysteem gewaardeerd (Storms 2015; Storms & Janssens, 2015; Van Hevele et al., 2013). In vergelijking met niet-gebruikers van het Vlaggensysteem begrijpen gebruikers van de interventie de criteria beter en kunnen ze beter aangeven of gedrag bij de ontwikkeling hoort, maar ze scoren niet verschillend op het beoordelen van de (gegeven) criteria in situaties en het toekennen van de vlag. Wel gaan gebruikers vaker in gesprek met alle betrokkenen dan niet-gebruikers (Van Hevele et al., 2013). Het Vlaggensysteem wordt vaak als een manier van denken gebruikt, maar nog beperkt ingezet in gesprekken met collega’s en de kinderen en jongeren zelf. Tegelijkertijd zijn veel residentiële jeugdzorginstellingen op dit moment actief om het Vlaggensysteem verder in de organisatie te borgen, onder andere door deelname aan het project waarin het Vlaggensysteem wordt doorontwikkeld voor de residentiële jeugdzorg (Storms 2015; Storms & Janssens, 2015).

Eigenaar en contact
Eigenaar Sensoa
Contactpersoon Wendela Wentzel, implementatie in Nederland, w.wentzel@movisie.nl, 030 789 2094
Erika Frans, ontwikkelaar, implementie Vlaanderen, erika.frans@sensoa.be, 0032 9221 07 22