Make a Move

Naam interventie Make a Move
Erkenningsstatus Goed onderbouwd
Datum erkenning 14-09-2017
De interventie in het kort
Doelgroep

Make a Move is bedoeld voor laagopgeleide jongens van 12 t/m 17 jaar. Deze groep heeft een verhoogd risico op het plegen van seksuele grensoverschrijding. Het programma kan ingezet worden in instellingen voor jeugd en opvoedhulp, residentieel of ambulant, onderwijs of jongerenwerk. Het programma is geschikt voor jongens met een IQ vanaf 80.

Doel

Make a Move heeft als doel het bevorderen van (aspecten van) seksuele gezondheid en het voorkomen van seksueel grensoverschrijdend gedrag bij jongens. Met Make a Move wordt beoogd dat jongens binnen relationele en seksuele interacties aanvaardbaar en positief gedrag vertonen, passend bij hun leeftijd en omstandigheden.

Aanpak in het kort

Het programma bestaat uit acht gestructureerde groepsbijeenkomsten. De bijeenkomsten vinden wekelijks plaats en duren anderhalf uur. De totale duur van het programma bedraagt dus acht weken. In elke bijeenkomst staat een thema centraal. De bijeenkomsten worden door twee - bij voorkeur een man en een vrouw - daartoe opgeleide begeleiders begeleid.

Uitvoering
Type organisatie

Make a Move kan worden uitgevoerd door organisaties die werken met de doelgroep laag opgeleide jongens van 12 t/m 17 jaar die een verhoogd risico hebben op het plegen van seksueel grensoverschrijdend gedrag.
Make a Move is in eerste instantie ontwikkeld voor jongens in de residentiële jeugdzorg. Hier heeft ook een proefimplementatie plaats gevonden. Inmiddels is het programma breder geïmplementeerd in de jeugdsector (het zelfde type organisaties is hierbij in beeld als waar met laagopgeleide meisjes het programma Girls’ Talk gebruikt wordt). Het gaat hierbij om de volgende type organisaties:

  • Jeugdzorginstellingen. Make a Move wordt binnen jeugdzorginstellingen (open en gesloten, residentieel en ambulant) ingezet als een sekse specifieke aanvulling op de dagelijkse orthopedagogische basiszorg, op de reguliere interventies binnen de leefgroep en op geïndiceerde interventies.
  • Ambulante settingen (overig).Zoals jongerenwerk
  • Onderwijsinstellingen. Make a Move wordt in verschillende type onderwijsinstellingen ingezet, zoals VO (m.n. vmbo), praktijkonderwijs en de lagere leerjaren mbo (ROC). Dit gebeurt in verschillende ‘constructies’: voor een groep jongens die extra aandacht op dit onderwerp nodig hebben; voor alle jongens als aanvulling op de algemene lessen seksuele voorlichting (bijvoorbeeld Lang leve de Liefde); als naschoolse activiteit voor jongens die er interesse in hebben (open inschrijving).

Eisen waaraan de locatie moet voldoen:

  • Een besloten ruimte (ter bevordering van rust en veiligheid), bij voorkeur met zitgedeelte (om een tafel) en ruimte voor oefeningen en rollenspel.
  • De mogelijkheid voor gebruik van internet tijdens de bijeenkomsten.
Randvoorwaarden

Organisatorische randvoorwaarden:

  • Voldoende draagvlak binnen de instelling/ organisatie voor aandacht voor seksuele grensoverschrijding en implementatie van Make a Move, training van medewerkers en inbedding in bestaande programma’s;
  • De inbedding van Make a Move in het beleid op seksualiteit van de organisatie draagt bij aan de kwaliteit van de uitvoering (en daarmee het leereffect bij de doelgroep). Deze inbedding betreft alle lagen in de organisatie, niet alleen het uitvoerende niveau. De betrokkenheid van bestuurs- en managementniveau is van belang als formele legitimering van de activiteiten en voor facilitering van en de sturing op de uitvoering en afstemming met andere activiteiten. Voor de inbedding zijn een aantal handvatten beschikbaar: de brochure ‘Seksualiteitsbeleid of struisvogelpolitiek? (Rutgers, 2012); het kwaliteitskader ‘Voorkomen seksueel misbruik in de Jeugdzorg’ van de commissie Rouvoet (2013) en het rapport van de commissie Samson over seksueel misbruik in de residentiele jeugdzorg (Commissie-Samson, 2012). De interventies Make a Move en Girls’ Talk zijn hierin opgenomen.
  • Voldoende draagvlak en motivatie onder professionals om een tweedaagse training te volgen en het programma vervolgens (structureel) te implementeren;
  • Beschikbaarheid van geschikte ruimte(n) voor de implementatie van Make a Move (zie ook ‘locatie en type organisatie’)

 

Contextuele randvoorwaarden:
Voor sommige sectoren geldt dat het creëren van draagvlak en motivatie van derden nodig is om het aanbieden van Make a Move (financieel) mogelijk te maken:

  • Voor de jeugdzorg is het sinds de decentralisatie van belang dat gemeenten op de hoogte zijn van het aanbod en dit ondersteunen;
  • Van het jongerenwerk is bekend dat zij -in verleden in sommige provincies- een beroep konden doen op provinciale subsidiegelden.
Materialen

Het materiaal omvat een handleiding met een uitgebreide methodiekbeschrijving, het programma voor de acht bijeenkomsten en een usb met daarop de benodigde werkbladen voor jongens, beeldmateriaal, een wervingsfolder voor jongens, een model-certificaat voor de jongens, een folder voor ouders/opvoeders, en informatie voor trainers over het betrekken van ouders/opvoeders.

Document(en)
Kwaliteit en effectiviteit
Erkenningsstatus Goed onderbouwd
Datum erkenning 14-09-2017
Oordeel commissie

De onderbouwing is helder met een goede koppeling tussen doelen, methoden en werkvormen.
De selectieprocedure is duidelijk door de introductie van een intakegesprek waarin de inclusie- en exclusiecriteria worden doorgenomen.

Interventie is beoordeeld door Commissie 2: Jeugdgezondheidszorg, preventie en gezondheidsbevordering (voor jeugd) (RIVM)
Onderzoek

In een proefimplementatie in instellingen voor jeugd en opvoedhulp is onderzoek gedaan naar de effecten van het programma. De effectstudie, uitgevoerd door Universiteit Maastricht, biedt geen aantoonbaar bewijs voor de effectiviteit van Make a Move op de belangrijkste uitkomstmaten. Het aantonen van effecten werd bemoeilijkt doordat het programma tijdens de proefimplementatie, vermoedelijk voor een belangrijk deel ten gevolge van ongunstige omstandigheden (transitie van de jeugdzorg naar de gemeenten en de daarbij behorende bezuinigingen en ontslagen) vaak niet uitgevoerd werd zoals bedoeld. Binnen de interventiegroep wezen de scores op sociale norm (ideeën over opvattingen van vrienden over grensoverschrijdend gedrag) en eigen-effectiviteit ten aanzien van groepsdruk (de mate waarin iemand zichzelf in staat acht om weerstand te bieden aan groepsdruk) wel in de gewenste richting.

Eigenaar en contact
Eigenaar Rutgers
Contactpersoon Marianne Jonker, m.jonker@rutgers.nl, (030) 231 34 31
Verwijzingen
Interventieoverzichten
Themapagina’s