Ouder-baby interventie

Naam interventie Ouder-baby interventie
Erkenningsstatus Eerste aanwijzingen voor effectiviteit
Datum erkenning 24-11-2016
De interventie in het kort
Doelgroep

De doelgroep bestaat uit depressieve moeders (met hun partner) en hun baby ( tot en met 12 maanden).

Doel

Het doel is het verbeteren van de kwaliteit van de interactie tussen depressieve moeders en hun baby en het ontwikkelen van een veilige gehechtheidsrelatie. Met als uiteindelijk doel het voorkomen dat het kind op latere leeftijd zelf psychosociale problemen ontwikkelt.

Aanpak in het kort

De interventie bestaat uit begeleiding van de ouders en hun baby in de thuissituatie, gedurende 8 tot 10 huisbezoeken van 1 à 11/2 uur. De partner en belangrijke anderen worden zo veel mogelijk in de begeleiding betrokken. De begeleiding wordt geboden door een medewerker van de instelling voor geestelijke gezondheidszorg (ggz), die is gespecialiseerd in de begeleiding van gezinnen met jonge kinderen.

Uitvoering
Type organisatie

Bij GGZ-instelling als onderdeel van de behandeling van de moeder. Ook JGZ-verpleegkundigen kunnen de interventie uitvoeren maar dan wel in samenwerking/ onder supervisie van de GGZ.

Daarnaast is de interventie ook te gebruiken bij instellingen voor mensen met een verstandelijke beperking.

 

Randvoorwaarden
  1. Erkenning voor de interventie in de eigen organisatie waarbij ondersteuning van het management van groot belang is.
  2. Bekendheid van de interventie bij verwijzers (pr, informatie brochure, website etc.)
  3. Heldere afspraken over hoe de interventie wordt gefinancierd (DBC of via gemeente) en registratiesysteem.
  4. Er is een coördinator/ contactpersoon voor de interventie waar ouders kunnen worden aangemeld. Ook onderhoudt de coördinator contact met verwijzers en het netwerk die te maken krijgen met deze ouders en baby’s.
  5. Er is een team van minimaal 4 getrainde uitvoerders die maandelijks bij elkaar komen om casuïstiek te bespreken aan de hand van video-opnamen.
Materialen

Er is een handboek, met daarin onder andere een handleiding voor de werkwijze, evaluatieformulieren, informatie over het effectonderzoek en diverse achtergrondliteratuur voor de ggz-medewerkers en materiaal voor ouders. Tevens is een landelijke training ontwikkeld, welke wordt aangeboden vanuit het Trimbos instituut aan de uitvoerders vanuit (ggz-) instellingen.

Document(en)
Kwaliteit en effectiviteit
Erkenningsstatus Eerste aanwijzingen voor effectiviteit
Datum erkenning 24-11-2016
Oordeel commissie

Sterke punten van de interventie zijn de video-feedback, die de moeder-kind interactie op een positieve manier ondersteunt, het versterken van de sociale steun en de GGZ-behandeling van de moeder. Op basis van een gerandomiseerd onderzoek zijn er positieve effecten op de moeder-kind interactie gevonden, met name op de sensitiviteit van de moeders. Ook is de kwaliteit van de moeder-kind gehechtheidsrelatie verbeterd. Vijf jaar later zijn deze effecten echter niet meer aanwezig, zo blijkt uit een vervolgonderzoek onder dezelfde doelgroep.

Interventie is beoordeeld door Commissie 2: Jeugdgezondheidszorg, preventie en gezondheidsbevordering (voor jeugd) (RIVM)
Onderzoek

Er is van 2000 tot 2004 een RCT uitgevoerd naar het effect van deze interventie bij depressieve moeders en baby’s. Een interventiegroep (n=35) en een controlegroep (n=36) werden met elkaar vergeleken voor, na en 6 maanden na de interventie. De resultaten wijzen op een significant positief effect op de moeder-kind interactie (nl. de sensitiviteit van de moeders, de responsiviteit en betrokkenheid van het kind).. Ook is er positief effect op de kwaliteit van de moeder-kind gehechtheidsrelatie. Tevens is een significant hogere score gevonden op de sociaal-emotionele competentie bij kinderen uit de interventiegroep.

Daarnaast heeft er een vervolgstudie plaats gevonden; de kinderen zijn dan 5-6 jaar (n=58). Kinderen uit de interventiegroep die veel stress ervaren hebben minder externaliserende problemen. Er is geen effect van de interventie gevonden op de lange termijn in de ouder-kind interactie noch op sociaalemotionele en gedragsproblemen. Op basis van de resultaten kunnen we niet de conclusie trekken dat er geen effect is op langere termijn aangezien er selectieve uitval heeft plaatsgevonden. De moeders en baby’s waarbij de interventie groot effect had, hebben niet meer deelgenomen aan de studie.

Eigenaar en contact
Eigenaar Impluz
Contactpersoon K. van Doesum, k.vandoesum@impluz.nl, 0570 604900